Half februari 2017 is een uitbreiding op de GEMMA (GEMeentelijke Model Architectuur) gepubliceerd, de landelijke referentiearchitectuur voor gemeenten die hen helpt om (ICT-)ontwikkelingen in samenhang aan te sturen. Onze Informatiearchitect Anita Potters Potters juicht de komst van GEMMA 2 toe.

 “De Softwarecatalogus en GEMMA zijn voor ons de basis waarop wij implementeren, aanbesteden en werken. Binnen de samenwerking werken wij zoveel mogelijk generiek en de catalogus helpt ons daarbij. Hadden wij die catalogus niet gehad, dan hadden we a) het inzicht niet gehad en dan was b) het lastig geweest om generiek te werken omdat je dan met allemaal verschillende architectuurplaten had gezeten. Nu het er wel is kun je bij aanbestedingen zeggen: ‘Wij willen één referentiecomponent uit de Softwarecatalogus hebben en meerdere leveranciers die op die functionaliteit aanbieden.’ Een andere toegevoegde waarde is het testen of oplossingen van leveranciers voldoen aan de landelijke standaarden. Dat kan door middel van de compliancytesten die beschikbaar zijn.”

Goede doorontwikkeling

“Ik vind het een goede doorontwikkeling van GEMMA, met name omdat het idee van frontoffice en midoffice is losgelaten. Als je kijkt naar apps en mobile device management en al die ontwikkelingen die er zijn, dan werkt het niet meer om alleen in te zoomen op front- en midoffice. Het wordt meer geïntegreerd. Ik vind het geweldig dat de functionaliteiten nu opgesplitst zijn in generiek en specifiek.”

Een ander pluspunt is volgens Anita Potters het feit dat de Softwarecatalogus nu ook gekoppeld kan worden met ArchiMate, een open en onafhankelijke beschrijvingstaal voor enterprise-architecturen. “Dat is erg positief omdat je dan gelijk door kan naar andere architectuurplaten. Wat nog wel beter kan, is de gebruikersvriendelijkheid. Zo is de informatie niet meer echt leesbaar op het moment ik een volledige plaat moet gebruiken bij een presentatie. Het zou handig zijn als er bijvoorbeeld standaardplaten komen die je in dat soort gevallen kunt gebruiken.”

Gegevenslandschap

Er zijn nog een paar dingen die Anita Potters mist. Zoals een gegevenslandschap. “Een gemeente is inmiddels een informatiefabriek. Waar je steeds meer behoefte aan krijgt is dat je weet welke gegevens je in bestanden opslaat en hoe je die gebruikt.  Met name vanuit de privacyhoek en de Autoriteit Persoonsgegevens wordt  daar de nadruk op gelegd. In dat kader worden gemeenten uitgedaagd om te komen tot een dataclassificatie per proces. Welke gegevens zijn bijzondere gegevens? Wat mag je niet delen vanuit privacy? We hebben nu de applicaties redelijk in zicht, we hebben de koppelingen al op hoofdlijnen en nu nog de gegevens. De informatiemodellen (zoals Referentiemodel Basis- en Kerngegevens (RSGB) of Informatiemodel Beheer Openbare Ruimte (IMBOR)) zouden daar mooi bij passen, maar die zijn onvoldoende verbonden met elkaar. Het zou prettig zijn als dat toegevoegd kan worden aan de basisplaat waarbij de objecten gekoppeld worden aan informatiefuncties. Dit zijn generieke componenten die voor iedere gemeente hetzelfde zijn en die niet lokaal uitgevonden hoeven te worden. Daar is erg behoefte aan. Wat mij betreft ligt daar een voorname rol weggelegd voor een club als KING, ook al omdat vanuit de markt met andere invalshoeken er nu tooling wordt ontwikkeld. Dat moet je niet willen, met name omdat dat weer allemaal aparte platen worden die je vervolgens weer moet gaan linken aan de Softwarecatalogus. Dat is niet echt wenselijk.”